WNT per 1 januari 2013 van kracht Ministers SZW en OCW achter CAO VO bestuurders
Op 6 december 2011 stemde de Tweede Kamer in met het wetsvoorstel Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT). De wet treedt per 1 januari 2013 in werking. De wet stelt een maximum aan de lonen van topfunctionarissen, bestuurders en toezichthouders in onder meer het onderwijs. Het kabinet vindt dat onderwijsbestuurders goed en maatschappelijk verantwoord moeten worden beloond. Het kabinet staat echter zeer kritisch tegenover bovenmatige topinkomens in het onderwijs. Wat mag een directeur van een basisschool, middelbare school of universiteit maximaal verdienen per jaar? Daar heeft de VO-sector inmiddels afspraken over gemaakt. Najaar 2011 hebben VTOI en de VO-bestuurdersvereniging – vooruitlopend op wetgeving – overeenstemming bereikt voor de CAO VO bestuurders die per 1 oktober 2011 van kracht is geworden. De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verklaarde de CAO ‘echt correct’. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft verklaard dat er een rechtmatige CAO tot stand is gekomen. De algemeen verbindend verklaring wordt verwacht.
Kamerdebat over bestuurdersbeloning
In het Algemeen Overleg van 14 december 2011 tussen de Tweede Kamercommissie OCW en de bewindslieden van OCW was de maximering van de beloning van onderwijsbestuurders aan de orde. In dit overleg verdedigde minister Van Bijsterveldt-Vliegenthart de nieuwe CAO VO bestuurders tegenover de kritische geluiden van enkele Kamerleden. De minister typeerde het initiatief en het proces naar de CAO VO bestuurders binnen de kaders die zij had gesteld als ‘echt correct’. En nam daarbij afstand van de kritische brief van de Algemene Onderwijs Bond AOb en prees daarentegen de CAO-partijen voor hun initiatief.
De minister verklaarde hierover in het Algemeen Overleg: ‘Deze cao is zeer grondig getoetst door de directie Financieel-Economische Zaken (FEZ) op het ministerie en past qua maximum binnen het sectormaximum. Men heeft de cao zelfs op mijn aandringen nog aangepast, toen het bedrag er iets boven zat. Er zijn twee aspecten die nadere beschouwing behoeven. Dat is het punt van bonussen, welke bij amendement geen onderdeel meer mogen uitmaken van de bezoldiging onder de WNT. Het tweede is in verband met het bedrag van € 75.000, de maximering van de uitkering als een bestuurder vertrekt. Dit moet nog worden afgewikkeld. Dat is logisch, die stap moet men nog maken. Aan de hand van de wet zal de cao moeten worden aangepast. Overigens moet die bij wet worden aangepast.’
Onderwijs werkt naar eer en geweten
Onder de onderwijspolitici is nog te weinig bekend hoe bestuurders en toezichthouders omgaan met hun maatschappelijke verantwoordelijkheden. De incidenten die plaatsvonden de afgelopen tijd, worden al te gemakkelijk de gehele sector aangerekend. Zo pareerde de minister dat heel goed door te zeggen: ‘Er zijn inderdaad excessen geweest, maar let op met die generalisering van zelfverrijking naar de gehele groep. Honderden bestuurders doen het naar eer en geweten en correct. Wij vragen in het onderwijs veel van mensen, zowel van leerkrachten als van leidinggevenden. We weten dat leidinggevenden cruciaal zijn in de school en in de instelling. Zij moeten zich in zekere zin, net als dat we leerkrachten hier altijd op handen dragen, gedragen voelen. Dat geldt ook voor leidinggevenden, want zij zitten vaak in een moeilijke situatie waarin men lastige afwegingen moet maken. Dan is het heel belangrijk hoe we communiceren over deze groep. We moeten inderdaad niet generaliseren, alsof iedereen bezig is met zich te verrijken en we continu worden geconfronteerd met grote excessen. We kennen een paar situaties waarin het echt uit de hand is gelopen. Die weten we haast allemaal op te noemen. Dat geeft ook de omvang ervan aan.’
Beloningsmaxima
De WNT bepaalt
dat bestuurders maximaal 130% van een ministersalaris mogen verdienen. Dit komt
neer op € 190.000 per jaar, exclusief onkostenvergoedingen en
pensioenbijdragen. Lagere maxima zijn ook mogelijk. Dit wordt per sector
bepaald. Na overleg met iedere onderwijssector, hebben minister Van
Bijsterveldt-Vliegenthart en staatssecretaris Zijlstra van Onderwijs, Cultuur
en Wetenschap per sector een nieuw beloningsmaximum, oftewel
bezoldigingsmaximum, vastgesteld. De bezoldigingsmaxima zijn als volgt: primair onderwijs € 161.000, voortgezet
onderwijs € 179.000, mbo/hbo € 194.000 en het wetenschappelijk onderwijs € 223.666.
Bovendien mag een ontslagvergoeding niet hoger zijn dan € 75.000. Vanaf 1
januari 2013 moeten alle salarissen van nieuw aangestelde topfunctionarissen
voldoen aan de wettelijke bezoldigingsregels. Voor de bestaande contracten en
aanstellingen geldt een overgangsregeling. De gemaakte salarisafspraken blijven
daarbij nog 4 jaar gelden. Hierna wordt het salaris in 3 jaar afgebouwd.
Inschrijven nieuwsfliTZ
Wij houden u graag op de hoogte van het laatste nieuws.
